Het verhaal
De composities van de Parijzenaar Francis Poulenc (1899-1963) bevatten ironie, spot maar ook religie. Dit alles geeft een duidelijke tweeslachtigheid aan de werken van de componist. Vandaar dat hij zowel kwajongen als monnik genoemd werd. Bekend is vooral de frivole kant van Poulencs muzikale persoonlijkheid zoals die doorklinkt in bijvoorbeeld zijn balletmuziek Les Bishes (nummer344.) Maar tijdens deze nonchalante en zelfs wilde tijd bleef Poulenc een luisterend oor houden naar de grote meesters als Bach en Mozart. Religieuze voorbeelden uit zijn oeuvre zijn het prachtig en groot opgezette Gloria, het Stabat Mater, en natuurlijk zijn Concert voor orgel, snaarinstrumenten en pauken.
In 1935, de componist was toen zesendertig jaar oud, kwam een goede vriend van hem om het leven bij een auto-ongeluk. Deze gebeurtenis bracht een belangrijke kentering in Poulencs leven. De componist herontdekte de religie en schreef in korte tijd een aantal godsdienstig getinte werken waaronder de opera Dialogues des Carmélites
Uit deze periode dateert ook het Concert voor orgel, strijkers en pauken in g mineur. Het ontstond tussen 1936 en 1938. De maestro componeerde wel meer concerten voor toetsinstrumenten, zoals het Concert voor twee piano’s en een Klavecimbelconcert. Maar zijn Orgelconcert kan als een meesterwerk worden beschouwd. Zelf noemde de componist het briljante orgelconcert een randgeval van religieuze muziek. Door zijn Barokke opzet neemt het werk een unieke plaats in binnen zijn oeuvre. Men noemt het wel neoklassiek. Sterk zijn de wisselende stemmingen in het werk, van meditatief tot speels. Poulenc voert het orgel via de wereld van Bach, Buxtehude en Duruflé naar het domein van een kermisorgel.
Heeft u een opmerking of aanmerkingen over dit item, horen wij dit graag van U.












