Het verhaal
Cynisme en heroïek vormen een merkwaardige combinatie, toch zit de muziek van Dmitri Sjostakovtsj (1906-1975) er vol van. Het is moeilijk om deze componist los te zien van de Sovjetcultuur. Tijdens zijn carrière werd hij door de partijbonzen even vaak verguisd als bejubeld. Na zijn dood ontstond de mythe dat zijn hele oeuvre als een versluierde aanval op Stalin verstaan moest worden. Deze mythe is inmiddels (gedeeltelijk) de wereld uit, maar bovenstaande tegenspraak in zijn muziek is blijven bestaan. Je hoeft echter Sjostakovtsj niet als een beroepsdissident te vereren om zijn muziek mooi te vinden, zoals een muziekwetenschapper vaststelde.
In 1945 voltooide Sjostakovitsj zijn Symfonie 9. Het werk bleek haaks te staan op de verwachtingen van Stalin. De voormalige Sovjetleider was des duivels dat de Symfonie 9 geen eerbetoon was op Rusland en zijn regime. Toch schijnt dat Sjostakovitsj tweemaal zijn best heeft gedaan om de symfonie te schrijven die van hem verlangd werd, een symfonische hommage aan het machtige Rusland, een symfonie die de overwinning van het rode leger over de Duitse troepen zou moeten uitbeelden. Maar wat uiteindelijk in Leningrad op de lessenaars belandde, was uit geheel ander hout gesneden. Het was een uitbarsting van zulke creatieve razernij dat men even bang was dat de Sovjetbobo’s Sjostakovitsj naar Siberië zouden verbannen! De symfonie werd in de ban gedaan en pas in 1955 weer uitgevoerd. Het werd een groot succes. Het publiek eiste een herhaling van de laatste drie delen, die overigens naadloos in elkaar overgaan. Met name het vierde deel, met de treurmars en de magnifieke fagot solo hield het publiek op het puntje van de stoel.












